Selecteer een pagina

Vrijdag: de zon laat zich geregeld zien, maar de zuidwestenwind neemt toe en wordt krachtig. Aan zee hard of stormachtig, windkracht zes tot acht. 😱

Dat er kans bestond op zware windstoten tussen de 75 en 85 kilometer per uur had ik even gemist. Noem het stom, dom, niet verstandig of onverantwoord, maar Petra en ik zijn ondanks deze weersvoorspellingen toch gaan fietsen. We hebben tenslotte allebei een e-bike (beetje wind moet geen probleem zijn 😬), we hadden er zin in en twee weken niet gefietst. En… het was vrijdag, dus hé, onze vaste dag, reden genoeg om wel te gaan.

We troffen elkaar op het hoekje van de Houtvaart en twijfelden toch even of we het wel of niet moesten doen. Het was namelijk al behoorlijk onrustig buiten, maar we besloten het erop te wagen. We staken onze haren, die alle kanten op vlogen, op in een staart en ik zette een zonnebril op mijn hoofd. Daar gingen we. Binnen twee minuten, bij het stoplicht van de Randweg, werd Peet al bijna omvergeblazen. Lang leven de vier wielen, want ik zat redelijk stabiel in mijn handbike. 👩‍🦽😉 Op de Vlaamseweg konden we elkaar niet eens verstaan, zo hard ging het tekeer en we waaiden zowat uit ons hemd. ‘In de duinen is er vast minder wind’ opperde ik hoopvol. Het fietspad was bezaaid met takken en dennenappels en eenmaal in de duinen was er geen ontkomen aan. Overal was zand. Stuifzand. Soms konden we letterlijk geen hand voor ogen zien.

Vroeger had ik een zandloperfiguur, maar in de loop der jaren heeft het zand zich enigszins verplaatst! 😏

Wij, bikkels als we zijn, fietsten vrolijk kletsend (lees; schreeuwend 🗣) verder. Onderweg moesten we diverse keren stoppen om het zand uit onze ogen te wrijven, een tegenligger de ruimte te geven zodat we niet tegen elkaar aan waaiden en om op ‘de fiets’ te blijven zitten. ‘Zullen we terug gaan?’ Nee joh, komt goed. ‘Nog een klein stukje, dan krijgen we de wind in de rug’, zei ik om de moed erin te houden. Nou, ik kan je vertellen dat dat laatste stukje vreselijk was. We werden aangevallen door enorme windstoten en zandstormen en kwamen amper vooruit. Eigenlijk was het niet leuk meer, maar we beleven lachen en gingen stoer verder. Toch waren we niet de enige gekken die zich door weer en wind in het natuurpark bewogen. Maar we werden beloond voor onze volharding. Vanaf de Zeeweg vlogen we werkelijk op de wind richting Haarlem en namen we de afslag naar het terras van restaurant Kraantje Lek.

Zand erover.

We hebben het niet meer over. We hebben de storm doorstaan en we leven nog. 😅 Het was tijd om de afsluiting van de week te vieren met onze vrij-mi-bo! 🥂 Deze keer, sinds maanden, niet op een bankje in de duinen of langs de boulevard, maar ‘gewoon’ op het terras. Voordat ik mijn bike afkoppelde, ging Peet op onderzoek en bleef ik op de parkeerplaats wachten. Ze gaf groen licht. Het terras was open en er was zowaar een tafeltje, enigszins in de luwte. Wat een verademing! Rust in onze oren, geen stuifzand meer in onze ogen en onze haren hingen weer op de schouders in plaats van ‘dansend’ in de lucht. Het feit dat we het er zonder kleerscheuren vanaf hadden gebracht, maakte dat we een zucht slaakten van opluchting. Toen het zonnetje ging schijnen, waren we de koning te rijk en konden we, onder het genot van een welverdiend glaasje, lachen om onze belachelijke onverantwoorde fietstocht. 😅

Thuis bleek dat ik een kilo strand en een dennenappel in mijn rolstoel had meegenomen. Leggy haar knie- en heupgewricht zat vol met zandkorrels, net als het korset. Mijn coupe ravage bestond uit een bos piekhaar door de harde wind, mijn tanden knarsten, mijn oren zaten vol met zand en mijn gezicht kreeg een gratis peeling toen ik het probeerde schoon te maken. Zelfs bij het omkleden ’s avonds viel er nog eens een kuub zand uit mijn kleding op de badkamervloer… 🤪

Het leven is wat je vandaag viert

Mijn allerliefste broer (heb er maar één 😂) was jarig, reden voor een piepklein feestje.

Is het goed als Sim meekomt broer‘, appte ik als reactie op de uitnodiging voor zijn verjaardaglunch. ‘Ja natuurlijk‘, zag ik op mijn schermpje verschijnen. Mooi. Zo vertrokken Frank en ik zaterdag samen met Sim naar het pittoreske Bavel. Sven moest studeren en Lynn werken en leren. Leggy lag op de achterbank, Sim met zijn kussen, zijn waterbak, zijn speeltjes, een zak brokjes voor de lunch en een kluif achterin de kofferbak. Normaal gesproken zou onze viervoeter natuurlijk al veel vaker mee zijn geweest op visite, maar door Corona was het er niet eerder van gekomen. Het was een try out.

Nee Sim!

Bij binnenkomst speurde onze zwartharige vriend dan ook meteen de hele huiskamer af. Zo probeerde hij hier en daar een blaadje van de plant te trekken (nee Sim!!), at een brok zand uit de plantenbak (nee Sim!!), sprong hij half op de bank (nee Sim!!), zwaaide met zijn staart bijna de koffie van de tafel (pas op Sim!) en snoof gulzig met zijn speurneus de versgebakken geurende appelcake op. Buiten het feit dat hij de neiging heeft om tegen mensen op te springen, ook als je dat niet leuk vindt 🙈 (laag Sim!!), deed hij het goed en genoot zichtbaar van alle aandacht. En wij… wij genoten van een heerlijke lunch en elkaars gezelschap, terwijl Sim heel even zijn oogjes toe deed en luid snurkend op zijn kussen lag. Missie geslaagd.

Pinksteren

Yeaaahhh Pinksteren. We zijn vrij omdat… Omdat… Omdat we vrij zijn.
#Darum!

Als je niet werkt zijn vrije dagen ineens niet meer zo speciaal. Het enige wat voor mij veranderd is dat de rest van het gezin ook thuis of in de buurt is en dat is natuurlijk wel fijn. Zaterdagavond werd het laat, want we hebben samen gekeken naar het Eurovisie Songfestival en het wordt pas leuk bij de puntentelling. Wat zaten er veel rare stomme optredens tussen, maar de show op zich was geweldig. Heb jij het gezien? Teleurstellend hè de ‘Zero points’ voor Jeangu Macrooy? Mijn favoriet was Frankrijk met ‘Voilà’, maar helaas, scoorde Italië net vijf punten meer.

Rond één uur wilde ik gaan slapen, maar bleef toch nog even plakken bij de afterparty. Zondag konden we een beetje uitslapen, hebben uitgebreid ontbeten en verder heb ik die dag eigenlijk niet heel veel zinnigs gedaan. Ook wel eens lekker.

Sport is de belangrijkste bijzaak in het leven.

Op maandag tweede Pinksterdag was op verzoek van de recreanten de badmintonhal opengesteld voor de liefhebbers. Fijn, want we hebben het de afgelopen maanden enorm gemist. Omdat zowel Sven als Lynn moesten leren en manlief wilde relaxen, kon ik mooi een potje gaan spelen. Aangezien ik geen zin had om mezelf nat te laten regenen, ging ik met de auto. De rolstoel liet ik thuis. Aangekomen bij de sporthal wilde ik de auto parkeren op de invalide parkeerplaats, zodat ik niet ver met mijn krukken hoefde te lopen. Tot mijn verbazing zag ik dat ‘mijn’ plekje bezet was. Nee, er stond geen auto, maar een grote grijze container. 🙄

Om bewustwording te creëren heb ik het wel gemeld, al hoop ik de volgende keer weer gewoon met de handbike te komen.

Nu was er verderop ruimte genoeg voor de auto en kan ik gelukkig een stukje ‘hupsen’, maar het hoort natuurlijk niet zo. Ik denk dat er soms wat te gemakkelijk wordt gedacht over een invalideplek vooral bij sportcomplexen, omdat die vaker leeg dan bezet zullen zijn, maar toch. In de hal noteerde ik mijn naam op de registratielijst en zag al een hoop namen staan, desinfecteerde mijn handen en sprong naar binnen. Op de meeste banen werd er gedubbeld en ik werd vrolijk van alle kreten die door de hal klonken bij het missen van een shuttle of het plaatsen van een geweldige dropshot. Zelf speel ik ook best ‘luidruchtig’, vooral als ik een bal net niet haal, maar zeker ook als een shuttle wel valt waar ik hem bedacht heb.

Snel haalde ik de sportrolstoel uit de hal achterin de zaal, zodat ik eveneens aan de bak kon. Ik heb over het algemeen lekker gespeeld, het ging in elk geval beter dan afgelopen donderdag. Ik heb dan misschien niet alle partijen gewonnen, maar ook zeker niet alles verloren. Het was gewoon leuk! 😃

Spreuk van de dag

Wat jammer dat mensen
geen problemen kunnen ruilen,
want iedereen weet hoe hij die
van een ander moet oplossen. 🙄
thedailyquotesnl